Medische Encyclopedie – Apotheek Burgum – Burgum

Apotheek Burgum

Apotheek Burgum

Meester W.M. Oppedijk van Veenweg 38 A 9251GA Burgum Tel:0511-462500

WIJZIGING OPENINGSTIJDEN

Let op, vanaf juni wijzigen onze openingstijden!!

Vanaf juni is de apotheek op vrijdagavond gesloten. Op zaterdag wijzigt de openingstijd van 17.00 tot 18.00 naar 10.30 tot 12.00!! U bent op de ochtend tussen 10.30 en 12.00 van harte welkom. Buiten onze openingstijden kunt u gebruik maken van onze ServiLocker. Voor aanmelden voor de ServiLocker vraag om advies bij één van onze medewerkers.

Coronavirus

Om verdere verspreiding van het corona virus te voorkomen, de continuïteit van zorg te behouden en ons team te beschermen nemen ook wij maatregelen.

Kom NIET naar de apotheek indien u last heeft van (neus)verkoudheid, hoesten, keelpijn, koorts of kortademigheid. Laat uw geneesmiddelen dan ophalen door iemand anders. De huisarts kan ook op het recept zetten dat het bezorgd moet worden voor u.

Meer informatie over de voorzorgsmaatregelen.

Medische Encyclopedie

Inhoud

estramustine

Estramustine is een kankerremmende stof (cytostaticum).

Artsen schrijven het voor als chemotherapie bij prostaatkanker.

Wat doet estramustine en waarbij gebruik ik het?

Kanker

Kanker is een verzamelnaam voor meer dan honderd verschillende aandoeningen, waarbij lichaamscellen ongeremd groeien. Het gevolg zijn tumoren (gezwellen) of afwijkingen in bloed en lymfebanen. Het is een ernstige ziekte die slecht kan aflopen, als men er niets aan doet.

Dankzij nieuw onderzoek is tegenwoordig goede behandeling voor veel soorten kanker mogelijk. Bij snelle behandeling voorkomt u dat een kankergezwel doorgroeit in het omringende weefsel of dat het uitzaait. Bij uitzaaiingen ontstaat kanker op andere plaatsen in het lichaam.

Oorzaak
In elke cel zit DNA. DNA bevat de erfelijke eigenschappen van ons lichaam, zoals de bloedgroep en de kleur van de ogen. Door het DNA weten cellen wat ze moeten doen. Bijvoorbeeld ook hoe snel ze zich moeten delen.
Bij een celdeling ontstaan uit één cel 2 dochtercellen, met exact hetzelfde DNA als de moedercel. Als het stukje DNA dat de celdeling bestuurt beschadigd raakt, kan de cel zich sneller gaan delen. De nieuwe cellen hebben dezelfde beschadiging in het DNA als de moedercel. Daardoor gaan ook deze cellen zich veel te snel delen, met kanker tot gevolg.

Hoe de beschadiging in het DNA ontstaat, is vaak onbekend. Het lijkt soms te komen door chemische stoffen, zoals teer in tabaksrook, of door asbest, alcohol, te veel of te vet voedsel, straling of door een erfelijke aanleg.

Verschijnselen
Kanker is een verraderlijke ziekte. Elke kankersoort veroorzaakt weer andere klachten. In het beginstadium zijn er vaak helemaal geen verschijnselen. Pas als een kankergezwel tegen zenuwen aandrukt, is pijn te voelen.

Sommige klachten komen bij vrijwel alle kankersoorten voor, zoals erge vermoeidheid, gebrek aan eetlust en sterke vermagering (bijvoorbeeld meer dan 3 kilo per maand).

Prostaatkanker
De prostaat is een klier rond de urinebuis. Deze klier maakt het prostaatvocht dat bij de zaadlozing samen met de zaadcellen naar buiten komt.

Bij een DNA-beschadiging kunnen de cellen in de prostaatklier veel te snel gaan groeien. Op deze plaats wordt de prostaat hard en kan hij groter zijn. De tumor kan de plasbuis dichtknijpen waardoor het plassen moeilijker gaat. Het mannelijke hormoon testosteron bevordert de groei van de kankercellen. Testosteron wordt aangemaakt door de zaadballen.

Behandeling
Prostaatkanker wordt meestal behandeld met een operatie, bestraling en medicijnen om het hormoon testosteron uit te schakelen (chemische castratie). Als chemische castratie niet voldoende is, neemt men soms met een operatie de zaadballen weg. Ze kunnen dan geen testosteron meer aanmaken. Soms zijn cytostatica-kuren nodig (chemotherapie).

Artsen schrijven estramustine voor als de prostaatkanker is uitgezaaid, vooral als de kanker ongevoelig is geworden voor behandeling met hormonen.  

Werking
Estramustine bindt zich aan het DNA van de cellen. De cellen kunnen zich hierdoor niet meer delen. Bovendien verhindert estramustine de aanmaak van testosteron. De kanker wordt zo tot staan gebracht.

Lees meer over kanker . “

Wat zijn mogelijke bijwerkingen?

Dit medicijn heeft een krachtige werking op de celdeling, niet alleen van kankercellen, maar ook van gezonde lichaamscellen. Hierdoor kunnen bijwerkingen ontstaan, bijvoorbeeld op plaatsen waar de cellen zich van nature snel delen, zoals in het bloed.

Door de lijst van bijwerkingen kan het lijken dat het middel erger is dan de kwaal. Maar de bijwerkingen komen lang niet bij iedereen in dezelfde mate voor. Bovendien gaan de bijwerkingen na de chemokuur geleidelijk over.

De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

Soms (bij 10 tot 30 op de 100 mensen)

  • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid, braken of diarree.

    Deze bijwerkingen komen vooral de eerste 2 weken van gebruik voor, en verdwijnen daarna geleidelijk. Raadpleeg uw arts of verpleegkundige als u maagdarmklachten heeft. Misschien is het mogelijk de dosering te verlagen.
    Bij misselijkheid schrijft de arts soms een antibraakmedicijn voor. Zorg dat u extra drinkt als u diarree heeft en moet overgeven.
    Neem contact op met uw arts als u behalve uw normale ontlastingpatroon viermaal of vaker per dag dunne ontlasting heeft of als u ook 's nachts diarree heeft. Soms is het nodig uitdroging te voorkomen met geneesmiddelen tegen diarree of met een vochtinfuus.
    Ook als u vaker dan één keer per dag moet braken moet u de arts waarschuwen.

  • Vasthouden van vocht (oedeem). U merkt oedeem vooral aan opgezwollen enkels en voeten.

    Mensen die al last van oedeem hebben, bijvoorbeeld door hartfalen zijn hier extra gevoelig voor. Waarschuw uw arts als u vocht vasthoudt.

  • Verandering in de hoeveelheid calcium in het bloed. U kunt daardoor moe worden of hoofdpijn krijgen.

    Uw arts zal de hoeveelheid calcium in het bloed controleren.

  • Pijnlijke zwelling van de borsten bij mannen.

    Heeft u hier last van? Overleg dan met uw arts.

  • Minder rode en witte bloedcellen, zelden minder bloedplaatjes. Hierdoor kunnen bloedarmoede, infecties en bloedingen ontstaan. De infecties zijn bijvoorbeeld griep, verkoudheid, keelontsteking, longontsteking, blaasontsteking, schimmelinfecties of huidinfecties, zoals steenpuisten. Neem bij de volgende verschijnselen contact op met uw arts: onverklaarbare koorts of keelpijn, koude rillingen, hoesten, benauwdheid, blaasjes in de mond en keel, pijn bij het plassen, bloed in de urine, bloedneuzen, onverklaarbare blauwe plekken en extreme vermoeidheid.

    Soms is het nodig de dosering te verlagen of de volgende toediening uit te stellen. Soms zijn er medicijnen mogelijk om de aanmaak van bloedcellen te stimuleren. De arts zal uw bloed daarom tijdens de behandeling regelmatig laten controleren.
     

Zelden (bij 1 tot 10 op de 100 mensen)

  • Hoofdpijn, vermoeidheid

  • Tijdelijke toename van klachten door het gezwel, zoals pijn rond de prostaat.

  • Trombose. Dit kunt u herkennen aan een dikke, harde, rode en pijnlijke plek op het been, soms aan pijn in de kuit en een zwaar gevoel in het been. Soms merkt u het aan plotselinge kortademigheid, of pijn vastzittend aan de ademhaling.

    Waarschuw in deze gevallen onmiddellijk een arts of ga meteen naar de Eerste-hulpdienst.
    Heeft u eerder trombose gehad? Overleg dan met uw arts.

  • Hartklachten. Waarschuw een arts bij benauwdheid of pijn op de borst na inspanning.

Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 100 mensen)

  • Psychische klachten, zoals depressiviteit en verwardheid.

  • Seksuele klachten, zoals minder zin in vrijen en erectiestoornissen.

  • Slappe spieren

  • Hoge bloeddruk

    Uw arts of verpleegkundige zal uw bloeddruk regelmatig controleren.

  • Verschijnselen van diabetes (suikerziekte). U merkt dit aan veel dorst, veel moeten plassen en moeheid. Raadpleeg bij deze verschijnselen uw arts.

    Heeft u diabetes en gebruikt u dit medicijn? Mogelijk heeft u tijdens de behandeling meer insuline of glucoseverlagers nodig. Meet extra vaak uw bloedglucose.

  • Overgevoeligheid voor dit medicijn. Dit merkt u aan jeuk, bultjes en huiduitslag. Raadpleeg dan uw arts. In zeldzame gevallen ontstaat een zwelling van het gezicht, lippen, mond, tong of keel. U kunt hierbij erg benauwd worden. Als het ontstaat, moet u onmiddellijk een arts waarschuwen of naar de Eerste-hulpdienst gaan.

    Als u overgevoelig bent voor estramustine mag u het niet meer gebruiken. Geef dat aan de apotheker door. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u het medicijn niet opnieuw krijgt.

Uitleg frequenties

Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen
Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen
Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen
Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

Mag ik estramustine gebruiken met andere medicijnen?

Dit middel heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

De medicijnen waarmee de belangrijkste wisselwerkingen optreden, zijn de volgende.

  • Vaccins. Overleg met uw arts als u gevaccineerd gaat worden. Bepaalde vaccins mag u niet gebruiken. Estramustine vermindert de werkzaamheid van deze vaccins en verhoogt de kans op bijwerkingen ervan. Dit betreft onder andere bof-mazelen-rodehondvaccin (BMR), gelekoortsvaccin, rotavirusvaccin en BCG-vaccin.
    Bij andere vaccins moet u soms een extra vaccinatie krijgen of moet uw bloed onderzocht om te kijken of het vaccin goed heeft gewerkt. Dit betreft onder andere griepvaccin, tetanusvaccin en vaccin tegen baarmoederhalskanker.
  • De antistollingsmiddelen acenocoumarol en fenprocoumon. Estramustine kan de werking van deze medicijnen beïnvloeden. Meld de trombosedienst als u begint met estramustine, als de dosering verandert en als u stopt met estramustine.

Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

Het is belangrijk dat uw arts weet welke medicijnen u nog meer gebruikt. Neem daarom uw medicatieoverzicht mee als u naar het ziekenhuis gaat. Dit is een overzicht waarop staat welke medicijnen u gebruikt. Er staat ook andere belangrijke informatie op. Bijvoorbeeld of u allergisch bent voor bepaalde medicijnen. U kunt dit overzicht bij uw eigen apotheek opvragen. Krijgt u in het ziekenhuis nieuwe medicijnen, of verandert er iets aan uw medicijngebruik? Geef dit dan ook weer door aan uw eigen apotheek. Dan blijft uw medicatieoverzicht actueel.

Kan ik met dit medicijn autorijden, alcohol drinken en alles eten of drinken?

autorijden?
Bij dit medicijn zijn hiervoor geen beperkingen.

alcohol drinken?
Alcohol irriteert de slijmvliezen van maag en darmen. U heeft hierdoor meer kans op bijwerkingen van dit medicijn op uw maag en darmen. Gebruik daarom liever geen alcohol tijdens de kuur en zolang u last heeft van uw maag en darmen.

alles eten?
Kalk (calcium) vermindert de opname van dit medicijn in het lichaam. Neem dit medicijn daarom in met water en niet met melk. Zorg ervoor dat u vanaf 1 uur voor tot 2 uur na inname geen melk of andere zuivelproducten gebruikt. Daarbuiten kunt u alles eten wat uw maag verdraagt. Bepaalde soorten voedsel zijn echter af te raden als u last heeft van uw maag.

Op deze site kunt u onder 'Klachten & ziektes', 'Maagklachten' adviezen vinden voor mensen met maagklachten.

Mag ik dit medicijn gebruiken als ik zwanger ben, wil worden of borstvoeding geef?

Niet van toepassing. Dit medicijn wordt alleen gebruikt door mannen bij prostaatkanker.

Hoe gebruik ik dit medicijn?

Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek.

Hoe?

  • Slik de capsule heel door met een half glas water.
  • Maak de capsules niet open.
  • Ziet u bij het openmaken van de verpakking kapotte capsules of los poeder? Sluit de verpakking dan weer goed en breng deze terug naar de apotheek.
  • Krijgt u wat poeder uit open capsules op uw huid of in uw ogen? Was uw huid dan goed af. Spoel uw ogen met veel water.
  • Komen anderen toch met dit medicijn in contact? Raad hen dan aan zich meteen af te spoelen. Zo beperken ze de risico's tot het minimum.

Wanneer?
Gebruik dit medicijn op een lege maag. Dat is 2 uur na een maaltijd en minstens 1 uur voor een nieuwe maaltijd. Voedsel vermindert namelijk de opname van dit medicijn in uw lichaam.

Hoelang?
Als na 6 weken nog geen verbetering optreedt, werkt dit medicijn bij u waarschijnlijk onvoldoende. Overleg dan met uw arts over andere mogelijke behandelingen.

Wat te doen met urine, ontlasting, bloed, wondvocht of braaksel?
Voorkom dat uw directe omgeving, zoals huisgenoten, in aanraking komt met uw lichaamsvloeistoffen. U mag elkaar wel aanraken, zoals bij knuffelen en zoenen. Het gaat alleen om maatregelen in verband met urine, ontlasting, bloed, wondvocht of braaksel, omdat het medicijn hierin aanwezig is. De mensen die u verzorgen zullen bij uw verzorging altijd wegwerphandschoenen dragen.

Neem daarom tot 2 dagen na de laatste dosering de volgende maatregelen.

  • Was uw handen na elk toiletbezoek. Mannen kunnen het best zittend plassen, om spatten te voorkomen.
  • Spoel na gebruik van het toilet 2 keer achter elkaar door, met het wc-deksel dicht. Zo voorkomt u spatten. Maak het toilet elke dag schoon.
  • Komt u in contact met lichaamsvloeistoffen, bijvoorbeeld bij schoonmaken? Gebruik dan wegwerphandschoenen.
  • Zit er urine, ontlasting, bloed of braaksel of uw kleding of beddengoed? Doe ze dan meteen in de wasmachine. Was ze niet samen met ander wasgoed. Kunt u ze niet meteen wassen? Bewaar ze dan in een afgesloten plastic zak.
  • U kunt resten van urine, ontlasting en braaksel opruimen met een wegwerpmatje of keukenpapier. Gooi ze daarna weg in een dubbele afvalzak. Maak de plek daarna eventueel schoon met een sopje. Spoel het sopje door het toilet.
  • Bloed en wondvocht kunnen resten van het medicijn bevatten. Doe daarom verband, gaasjes en ander wegwerpmateriaal in een dubbele afvalzak.
  • Ook sperma en vaginale uitscheiding kunnen resten van dit medicijn bevatten. Gebruik een condoom en/of een beflapje. Deze kunt u weggooien in een dubbele afvalzak.
  • Wilt u meer weten? Bekijk dan de adviezen op kanker.nl.
Terug naar overzicht